Terug door de deur naar de vorige ruimte of de voordeur
Studeerkamer

Gele oker

Materiaal
Welkom in mijn studeerkamer!

Gele oker Een kleur uit de aarde die al duizenden jaren op het palet van kunstenaars ligt Gele oker is een warme geelbruine aardkleur en behoort tot de oudste pigmenten die mensen gebruiken. Het pigment dankt zijn kleur vooral aan ijzeroxiden en ijzerhydroxiden in natuurlijke aarde. Oker werd al gebruikt in prehistorische schilderingen en bleef daarna een vertrouwd kunstenaarsmateriaal. Voor schilders is gele oker bijzonder veelzijdig. De kleur is minder fel dan veel moderne gele pigmenten en past daardoor gemakkelijk bij andere aardkleuren. Gele oker wordt gebruikt voor landschappen, huidtonen, gebouwen, zand, lichtpartijen en onderschilderingen. Met wit ontstaan zachte crème- en zandkleuren. Gemengd met blauw levert gele oker gedempte groentinten op, terwijl rood warme oranje en bruine mengingen kan geven. De kleur is doorgaans goed lichtecht en duurzaam. Ga vanuit Gele oker eens verder naar Aardkleuren, Pigment, Gebrande siënna, Omber, IJzeroxide, Onderschildering of Kleurmenging en ontdek waarom deze oeroude kleur nog altijd op moderne schilderspaletten ligt.

Aan de muur

Een naam opent een andere studeerkamer. Bij een naam met ⓘ lees je hier extra informatie.

behoort tot

gerelateerd aan

  • Pigmenten

verwantschap met

wordt gebruikt in

Kleurmenging

Techniek

Kleurmenging Met een paar kleuren ontstaat een bijna onbeperkt palet Kleurmenging is het combineren van kleuren om nieuwe kleuren, tinten en nuances te verkrijgen. Voor schilders is het een van de belangrijkste manieren om een eigen kleurenpalet op te bouwen. Met een beperkt aantal verfkleuren kunnen al honderden verschillende mengingen ontstaan. Bij traditionele schilderkunst wordt vaak uitgegaan van primaire, secundaire en tertiaire kleuren. Geel en blauw kunnen bijvoorbeeld groen opleveren. Door complementaire kleuren met elkaar te mengen kunnen juist gedempte of neutrale kleuren ontstaan. Ook wit en zwart beïnvloeden een mengkleur, vooral de lichtheid en verzadiging. Niet alle kleurmenging gebeurt letterlijk op het palet. Bij optische kleurmenging worden afzonderlijke kleuren naast elkaar geplaatst en ontstaat het mengeffect pas in het oog van de kijker. Pointillisten maakten daarvan bewust gebruik. Wil je verder? Begin met drie primaire kleuren en wit en probeer daarmee zoveel mogelijk kleuren te mengen. Onderzoek daarna complementaire kleuren, neutrale kleuren en kleurtemperatuur.

Over Kleurmenging is nog geen aanvullende informatie beschikbaar.

Lichtechtheid

Materiaal

Lichtechtheid Sommige kleuren trotseren het licht, andere verdwijnen langzaam Lichtechtheid geeft aan hoe goed een pigment, kleurstof of gekleurd materiaal zijn kleur behoudt wanneer het aan licht wordt blootgesteld. Voor kunstenaars en conservatoren is dat belangrijk: een prachtige kleur kan na jaren verbleken of veranderen wanneer zij onvoldoende lichtecht is. Niet alle kleurmaterialen reageren hetzelfde. Sommige minerale en moderne synthetische pigmenten zijn zeer stabiel, terwijl bepaalde organische pigmenten en kleurstoffen gevoeliger zijn voor zichtbaar licht en ultraviolette straling. Hoe snel verandering optreedt, hangt ook af van lichtsterkte, blootstellingsduur, bindmiddel en andere materiaaleigenschappen. Lichtechtheid wordt daarom getest en vaak met een classificatie op kunstenaarsmaterialen vermeld. Toch betekent een hoge lichtechtheid niet dat onbeperkte blootstelling veilig is. Vooral werken op papier en andere gevoelige materialen worden in musea zorgvuldig belicht. Een eenmaal verbleekte kleur kan meestal niet eenvoudig worden teruggebracht. Wil je verder? Onderzoek vluchtige kleuren, verbleken, lichtschade, pigmenten en papierconservering. Zo ontdek je waarom ook de hoeveelheid licht onderdeel is van kunstbehoud.

Over Lichtechtheid is nog geen aanvullende informatie beschikbaar.

Olieverfschilderkunst

Techniek

Olieverfschilderkunst Een techniek waarin kleur dagenlang beweeglijk kan blijven en eeuwen kan overleven Olieverfschilderkunst is schilderkunst waarbij pigmenten worden gebonden in een drogende olie, meestal lijnolie. De techniek werd vanaf de late middeleeuwen steeds belangrijker en bood kunstenaars ongekende mogelijkheden om kleur, licht, textuur en detail op te bouwen. Olieverf droogt relatief langzaam. Daardoor kunnen kleuren op het schilderij worden gemengd en zachte overgangen ontstaan. Tegelijk kan een kunstenaar juist in meerdere lagen werken. Dunne transparante glacislagen geven kleur diepte, terwijl dikke pasteuze verf en impasto het oppervlak tastbaar maken. Kunstenaars als Jan van Eyck, Rembrandt en Johannes Vermeer benutten ieder andere eigenschappen van olieverf. Later maakten bijvoorbeeld Van Gogh en de expressionisten juist de zichtbare penseelstreek belangrijk. Een olieverfschilderij is technisch een complete laagopbouw van drager, grondering en verschillende verflagen. Wil je verder? Kijk onder het zichtbare beeld en ontdek lijnolie, drogende olie, onderschildering, glaceren en impasto. Zo volg je een schilderij van ondergrond tot laatste penseelstreek.

Over Olieverfschilderkunst is nog geen aanvullende informatie beschikbaar.

Omber

Materiaal

Omber Een aardkleur waarmee schilders licht én schaduw kunnen opbouwen Omber is een natuurlijk bruin aardpigment dat vooral ijzeroxiden bevat, aangevuld met mangaanverbindingen. Het behoort samen met oker en sienna tot de klassieke aardpigmenten die kunstenaars al eeuwen gebruiken. Er bestaan twee belangrijke varianten. Ongebrande omber heeft meestal een koel, groenachtig tot donkerbruin karakter. Door het pigment te verhitten ontstaat gebrande omber, die warmer, donkerder en vaak iets roodachtiger van kleur is. Omber is bijzonder bruikbaar voor onderschilderingen, schaduwen, landschappen en portretten. Door het met wit, zwart, blauw of andere aardkleuren te mengen ontstaat een groot bereik aan gedempte tinten. In olieverf staat omber er bovendien om bekend dat het de droging kan versnellen, mede door de aanwezige mangaanverbindingen. Juist doordat omber weinig opvallend lijkt, is het een bijzonder veelzijdige schilderskleur. Wil je verder? Vergelijk ongebrande en gebrande omber en ga daarna naar sienna, gele oker, aardpigmenten en onderschildering.

Over Omber is nog geen aanvullende informatie beschikbaar.

IJzeroxide

Materiaal

IJzeroxide Eén mineraalfamilie levert geel, rood, bruin én zwart IJzeroxiden zijn verbindingen van ijzer en zuurstof die van nature veel voorkomen in gesteenten en aarde. Ze zijn bijzonder belangrijk voor kunstenaars, omdat verschillende ijzerverbindingen verantwoordelijk zijn voor een groot deel van de traditionele gele, rode en bruine aardpigmenten. Bij gele oker spelen gehydrateerde ijzerverbindingen een belangrijke rol. Door verhitting kan water uit zulke verbindingen verdwijnen en kan een warmer rood ijzeroxide ontstaan. Dit verklaart waarom het branden van bepaalde aardpigmenten hun kleur sterk verandert. IJzeroxiden komen voor in natuurlijke pigmenten zoals oker, sienna en omber, maar worden tegenwoordig ook synthetisch vervaardigd. Daardoor kunnen zeer constante gele, rode, bruine en zwarte pigmenten worden gemaakt. Marskleuren zijn bekende voorbeelden van synthetische ijzeroxidepigmenten. Veel ijzeroxidepigmenten zijn stabiel, lichtecht en duurzaam. Wil je verder? Begin bij gele oker, rode oker, sienna en omber en onderzoek daarna hematiet, gebrande pigmenten en Marszwart. Zo ontdek je hoeveel kleuren uit ijzer kunnen ontstaan.

Over IJzeroxide is nog geen aanvullende informatie beschikbaar.

Op mijn tafel

Voor dit object zijn nog geen tekstblokken vastgelegd.