Synthetisme
Synthetisme Niet schilderen wat je ziet, maar wat je ervan hebt onthouden en gevoeld Synthetisme ontstond aan het einde van de negentiende eeuw rond kunstenaars als Paul Gauguin, Émile Bernard en Paul Sérusier. Zij wilden verder gaan dan het impressionisme, dat sterk gericht was op het vastleggen van licht en directe waarneming. Bij het synthetisme werden verschillende elementen samengebracht: wat de kunstenaar werkelijk had gezien, zijn herinnering en gevoel, én de zelfstandige werking van kleuren en vormen. Schilderijen kregen daardoor grote, vaak vlakke kleurvelden, duidelijke contouren en vereenvoudigde vormen. Natuurgetrouwe kleuren waren niet noodzakelijk. Een landschap kon bijvoorbeeld rood, geel of blauw worden wanneer dat beter bij de gewenste sfeer paste. Het synthetisme speelde een belangrijke rol bij de ontwikkeling van symbolisme, Les Nabis en latere moderne kunst. Ga vanuit Synthetisme eens verder naar Paul Gauguin, Émile Bernard, Paul Sérusier, Les Nabis of Symbolisme en ontdek hoe kunstenaars stap voor stap afscheid namen van het schilderen van alleen de zichtbare werkelijkheid.
Aan de muur
Een naam opent een andere studeerkamer. Bij een naam met ⓘ lees je hier extra informatie.