Terug door de deur naar de vorige ruimte of de voordeur
Studeerkamer

Carel Fabritius

Kunstenaar
Welkom in mijn studeerkamer!

Carel Fabritius Rembrandts leerling die zijn eigen licht ontdekte Carel Fabritius (1622–1654) was een Nederlandse schilder en leerling van Rembrandt van Rijn. Toch ontwikkelde hij een opvallend eigen stijl. Waar Rembrandt vaak figuren uit een donkere omgeving naar voren liet komen, koos Fabritius regelmatig voor lichte achtergronden, helder daglicht en subtiele ruimtelijke effecten. Hij werd geboren in Middenbeemster en werkte later in Delft, waar hij lid werd van het Sint-Lucasgilde. Fabritius schilderde portretten, Bijbelse voorstellingen en bijzondere werken waarin perspectief en gezichtsbedrog een belangrijke rol spelen. Zijn beroemdste schilderij is Het puttertje uit 1654. Een klein vogeltje zit met een kettinkje vast aan zijn voederbak. De eenvoudige voorstelling en losse penseelstreken geven het werk een verrassend moderne uitstraling. Fabritius' carrière eindigde abrupt. Hij kwam om bij de Delftse donderslag van 1654, toen een buskruitopslag ontplofte. Hij was slechts 32 jaar oud. Er zijn maar weinig schilderijen van hem bewaard gebleven. Juist daardoor blijft de vraag fascinerend: hoe belangrijk had Fabritius kunnen worden als hij langer had geleefd?

Aan de muur

Een naam opent een andere studeerkamer. Bij een naam met ⓘ lees je hier extra informatie.

beïnvloedde

beïnvloed door

broer van

geboren in

gerelateerd aan

leerling van

lid van

maakte

tijdgenoot van

verbonden met

  • Optische illusie

verbonden met

  • Optische illusie

vertegenwoordigt

werkte in

werkte samen met

wordt afgebeeld in

Paletmes

Techniek

Paletmes Soms wordt een schilderij niet alleen met penselen gemaakt Een paletmes is een plat metalen gereedschap dat schilders traditioneel gebruiken voor het mengen van verf op een palet. Daarnaast bestaan schildermessen waarmee verf rechtstreeks op een schilderoppervlak kan worden aangebracht. Daarmee kunnen dikke lagen, scherpe randen en opvallende structuren worden gemaakt. Vooral bij impasto kan een mes interessante effecten opleveren. De verf kan worden uitgesmeerd, opgeschoven of in stevige banen worden aangebracht. Het resultaat verschilt duidelijk van een zachte penseelstreek. Bij Carel Fabritius is voorzichtigheid nodig. Zijn schilderijen bevatten soms krachtige, dik aangebrachte verf en opvallend vrije verfstreken, maar daaruit kan niet automatisch worden geconcludeerd dat hij voor specifieke passages een paletmes gebruikte. Zonder overtuigend technisch onderzoek blijft zo'n directe koppeling onzeker. Het paletmes is voor KunstCore daarom vooral interessant als ondersteunend object bij schildertechniek. Vanuit Fabritius kan de bezoeker via impasto en zichtbare verfstructuur verder ontdekken hoe schilders verf fysiek behandelen. Een schilderij bestaat immers niet alleen uit kleuren en voorstellingen. Het blijft ook materiaal dat met gereedschap op een oppervlak is aangebracht.

Over Paletmes is nog geen aanvullende informatie beschikbaar.

Perspectiefkast

Techniek

Door één klein kijkgaatje kon een geschilderde kamer plotseling echt lijken Een perspectiefkast is een optische constructie waarin schilderkunst en meetkundige perspectiefregels samenwerken. De beschouwer kijkt vanuit een zorgvuldig gekozen positie, vaak door een opening, naar geschilderde vlakken. Vanuit precies dat gezichtspunt lijken vervormde afbeeldingen samen een overtuigende driedimensionale ruimte te vormen. In de zeventiende eeuw bestond grote belangstelling voor zulke optische experimenten. Samuel van Hoogstraten, net als Carel Fabritius een leerling van Rembrandt, maakte een beroemd bewaard gebleven voorbeeld. Ook Fabritius experimenteerde intensief met perspectief. Zijn opmerkelijke Gezicht in Delft heeft een gebogen oppervlak en een ongebruikelijke perspectiefconstructie. Daarom is voorgesteld dat het schilderij oorspronkelijk voor een bijzondere perspectivische opstelling bestemd kan zijn geweest. De precieze oorspronkelijke presentatie is echter niet zeker. De perspectiefkast laat zien dat schilderkunst in de zeventiende eeuw soms bijna een wetenschappelijk experiment werd. De kunstenaar onderzocht niet alleen wat mensen zien, maar vooral hoe zij zien. Voor Fabritius is dat essentieel: ruimte was bij hem niet alleen iets om af te beelden, maar iets waarmee hij de kijker kon laten spelen.

Over Perspectiefkast is nog geen aanvullende informatie beschikbaar.

Gezicht op Delft na de explosie van 1654

Kunstwerk

Een verwoeste stadswijk laat zien wat de Delftse donderslag werkelijk betekende Gezicht op Delft na de explosie van 1654 van Egbert van der Poel toont de gevolgen van de ramp die bekend werd als de Delftse donderslag. Op 12 oktober 1654 ontplofte een opslagplaats met buskruit. Gebouwen werden weggevaagd of zwaar beschadigd en vele inwoners kwamen om. Van der Poel legde de verwoeste omgeving vast. Daarmee gaf hij latere generaties een indrukwekkend beeld van een gebeurtenis waarvan ook Carel Fabritius slachtoffer werd. Fabritius woonde en werkte op dat moment in Delft en bevond zich tijdens de explosie in zijn werkplaats. Zijn dood maakt Van der Poels stadsgezicht ook relevant voor de kunstgeschiedenis. We kijken niet alleen naar beschadigde huizen, maar naar de omgeving waarin een veelbelovende kunstenaarsloopbaan abrupt eindigde. Van der Poel maakte meerdere voorstellingen van de ramp. Kunst werd daarmee een vorm van herinnering en verslaggeving. Voor KunstCore vormt het werk een bijzondere verbinding: vanuit een schilderij van een stadsramp komen we rechtstreeks terecht bij het mysterieuze einde van Carel Fabritius.

Over Gezicht op Delft na de explosie van 1654 is nog geen aanvullende informatie beschikbaar.

Egbert van der Poel

Kunstenaar

De schilder die de ramp vastlegde waarbij Fabritius het leven verloor Egbert van der Poel werd in 1621 geboren in Delft en is vooral bekend om zijn stadsgezichten, nachtelijke branden en voorstellingen van de Delftse donderslag. Hij was daarmee vrijwel een exacte tijdgenoot van Carel Fabritius. Op 12 oktober 1654 ontplofte het kruitmagazijn van Delft. Een groot deel van de omgeving werd verwoest en Fabritius kwam daarbij om het leven. Voor Van der Poel kreeg de gebeurtenis eveneens een persoonlijke betekenis: ook zijn dochter kwam bij de ramp om. Van der Poel schilderde verschillende voorstellingen van de explosie en de gevolgen ervan. Sommige tonen de stad na de ramp, andere maken van de gebeurtenis een dramatisch spektakel van vuur en vernietiging. Zijn schilderijen zijn kunstwerken, maar functioneren tegelijkertijd als visuele herinneringen aan een historische gebeurtenis. Via Van der Poel kunnen we ons voorstellen wat Fabritius' omgeving overkwam. Zo raken de levens van twee Delftse kunstenaars door één ramp met elkaar verbonden: de ene verloor zijn leven, de andere maakte de verwoesting tot onderwerp van zijn kunst.

Over Egbert van der Poel is nog geen aanvullende informatie beschikbaar.

Het puttertje

Kunstwerk

Een klein vogeltje werd eeuwen later het wereldberoemde gezicht van Fabritius Het puttertje uit 1654 is het bekendste schilderij van Carel Fabritius. Het toont een distelvink die met een dun kettinkje aan zijn zitplaats is bevestigd. Zulke vogels werden in de zeventiende eeuw als huisdier gehouden. Ze konden worden geleerd met een klein emmertje drinkwater omhoog te halen. Fabritius schilderde vrijwel niets wat de aandacht van de vogel afleidt. Tegen een lichte wand zien we alleen het dier, zijn zitstokken, voederbakje en kettinkje. Toch ontstaat een verrassend levendig beeld. Met losse penseelstreken suggereert Fabritius het verenkleed. Subtiele schaduwen zorgen ervoor dat de constructie vóór de muur lijkt te hangen. Daardoor bezit het schilderij een trompe-l'oeilachtig karakter. Het werk is bovendien gedateerd 1654. In datzelfde jaar kwam Fabritius om tijdens de Delftse donderslag. Juist die combinatie maakt Het puttertje bijzonder: een klein en bedrieglijk eenvoudig schilderij werd het beroemdste overblijfsel van een veelbelovende kunstenaarsloopbaan die plotseling werd afgebroken.

Over Het puttertje is nog geen aanvullende informatie beschikbaar.

Gezicht in Delft

Kunstwerk

Een klein stadsgezicht bevat een van Fabritius' merkwaardigste experimenten met ruimte Gezicht in Delft uit 1652 behoort tot de opmerkelijkste schilderijen van Carel Fabritius. Het toont een Delftse straat met op de voorgrond een verkoper van muziekinstrumenten. Op de achtergrond is de Nieuwe Kerk herkenbaar. Toch is dit geen gewoon stadsgezicht. Vooral het perspectief is opvallend. De voorstelling lijkt vanuit een ongebruikelijk gezichtspunt te zijn geconstrueerd en het schilderoppervlak is gebogen. Onderzoekers vermoeden daarom dat het werk oorspronkelijk deel kan hebben uitgemaakt van een perspectivische presentatie of kijkkast. De beschouwer moest het schilderij dan mogelijk vanuit een specifieke positie bekijken om de ruimtelijke illusie optimaal te ervaren. Het werk laat daarmee zien hoe experimenteel Fabritius kon zijn. Hij was opgeleid bij Rembrandt, maar koos steeds nadrukkelijker voor helder daglicht, lichte kleuren en onderzoek naar perspectief. Gezicht in Delft is daardoor niet alleen een afbeelding van de stad waar Fabritius woonde. Het is ook een experiment met de vraag hoe schilderkunst onze ogen een overtuigende ruimte kan laten binnengaan.

Over Gezicht in Delft is nog geen aanvullende informatie beschikbaar.

Trompe-l'oeil

Techniek

Als je de vogel bijna van zijn zitstok wilt pakken, heeft de schilder zijn doel bereikt Trompe-l'oeil betekent letterlijk 'bedrieg het oog'. Het is schilderkunst die voorwerpen zo overtuigend weergeeft dat de beschouwer even kan denken naar echte objecten te kijken in plaats van naar geschilderde vormen. Carel Fabritius' Het puttertje wordt vaak in verband gebracht met deze traditie. De vogel zit tegen een lichte wand op zijn voederbakje en is met een kettinkje bevestigd. Fabritius gebruikte schaduwen en een overtuigende ruimtelijke plaatsing waardoor vogel, zitstok en bakje bijna vóór de muur lijken te hangen. Het relatief eenvoudige onderwerp versterkt de illusie. Er is geen ingewikkeld landschap of interieur dat onmiddellijk verraadt dat we naar een schilderij kijken. Trompe-l'oeil paste uitstekend bij de zeventiende-eeuwse belangstelling voor optische experimenten en technische virtuositeit. Een kunstenaar kon ermee demonstreren hoe overtuigend schilderkunst de werkelijkheid kon nabootsen. Bij Fabritius gaat het echter verder dan een kunstje. Licht, schaduw en ruimte worden onderdeel van een subtiel spel met onze waarneming: we weten dat het verf is, maar onze ogen willen iets anders geloven.

Over Trompe-l'oeil is nog geen aanvullende informatie beschikbaar.

Perspectiefwerking

Techniek

Fabritius wilde niet alleen een ruimte schilderen, maar het oog laten geloven dat die werkelijk bestond Perspectiefwerking zorgt ervoor dat een plat schilderij de indruk van diepte en ruimte kan geven. Kunstenaars gebruiken daarvoor onder andere verdwijnpunten, verkleining, overlapping en verschillen in licht en kleur. Carel Fabritius was opvallend geïnteresseerd in zulke ruimtelijke effecten. Sommige van zijn werken laten zien dat hij verder ging dan het eenvoudig correct weergeven van een interieur of straat. Hij onderzocht hoe een schilderij zich verhoudt tot de plaats waar de beschouwer staat. Een bijzonder voorbeeld is zijn Gezicht in Delft. Het werk heeft een ongewoon perspectief en een gebogen schilderoppervlak. Waarschijnlijk hing dit samen met een bijzondere manier van presenteren, mogelijk in een perspectiefkast of ander optisch arrangement. Daarmee sluit Fabritius aan bij de zeventiende-eeuwse belangstelling voor perspectief, optica en gezichtsbedrog. Ook Samuel van Hoogstraten experimenteerde hiermee. Voor Fabritius was perspectief dus meer dan een technische truc om diepte te schilderen. Het werd een spel met waarneming. Waar eindigt de echte ruimte en waar begint de geschilderde werkelijkheid?

Over Perspectiefwerking is nog geen aanvullende informatie beschikbaar.

Impasto

Techniek

Dikke verf maakt van een plat schilderij bijna een tastbaar oppervlak Impasto is een schildertechniek waarbij verf relatief dik wordt aangebracht, zodat penseelstreken en soms zelfs afzonderlijke klodders verf zichtbaar blijven. Hierdoor ontstaat reliëf. Licht dat op het schilderij valt, wordt door deze oneffenheden op verschillende manieren gereflecteerd. Carel Fabritius leerde tijdens zijn verblijf in het atelier van Rembrandt hoe effectief zo'n levendige verfbehandeling kon zijn. Rembrandt gebruikte dikke verf bijvoorbeeld voor lichte delen van gezichten, kleding en glanzende voorwerpen. Fabritius nam dergelijke mogelijkheden over, maar ontwikkelde vervolgens een lichtere, meer persoonlijke schilderwijze. In Het puttertje is goed te zien hoe Fabritius met betrekkelijk vrije penseelstreken veren, licht en materiaal suggereert. Niet ieder veertje wordt afzonderlijk geschilderd. Verfstreken vormen samen de indruk van een vogel. Impasto kan daardoor meer doen dan structuur toevoegen. De techniek maakt de handeling van het schilderen zichtbaar. Wie een schilderij van dichtbij bekijkt, ontdekt verfstreken; op enige afstand veranderen dezelfde streken in licht, veren, huid of stof.

Over Impasto is nog geen aanvullende informatie beschikbaar.

Samuel van Hoogstraten

Kunstenaar

Twee leerlingen van Rembrandt kozen ieder hun eigen weg met licht, ruimte en perspectief Samuel van Hoogstraten werd in 1627 in Dordrecht geboren en behoorde, net als Carel Fabritius, tot de kunstenaars die in Amsterdam in de omgeving van Rembrandt werden opgeleid. Daardoor zijn beide schilders interessante schakels tussen Rembrandt en nieuwe ontwikkelingen binnen de zeventiende-eeuwse schilderkunst. Van Hoogstraten raakte sterk geïnteresseerd in perspectief en optische illusies. Hij maakte onder andere perspectiefkasten waarin de kijker door een opening naar een geschilderde ruimte keek. Door slimme perspectiefconstructies ontstond een overtuigende illusie van diepte. Ook Fabritius experimenteerde met perspectief en ruimtelijke effecten. Een deel van zijn werk lijkt zelfs bedoeld te zijn geweest voor bijzondere perspectivische presentatie. Van Hoogstraten is bovendien belangrijk omdat hij over kunst schreef. Zijn in 1678 verschenen Inleyding tot de Hooge Schoole der Schilderkonst vormt een belangrijke bron voor onze kennis van de zeventiende-eeuwse schilderkunst. Via Fabritius en Van Hoogstraten zien we hoe Rembrandts leerlingen niet eenvoudig zijn stijl kopieerden. Ze namen hun opleiding als vertrekpunt en gingen vervolgens zelf experimenteren met waarneming, licht en ruimte.

Over Samuel van Hoogstraten is nog geen aanvullende informatie beschikbaar.

Middenbeemster

Plaats

Vanuit een nieuwe polder begon de korte reis van een van Rembrandts opvallendste leerlingen Middenbeemster ligt in de Beemster, de beroemde Noord-Hollandse droogmakerij die in het begin van de zeventiende eeuw ontstond. In deze nieuwe, strak ingerichte polder werd Carel Fabritius in februari 1622 geboren. Hij groeide op in een bijzonder gezin. Zijn vader Pieter Carelsz. was schoolmeester, koster en schilderde eveneens. Ook Carels broers Barent en Johannes werden schilder. Kunst en ambacht waren dus al vroeg in zijn omgeving aanwezig. Carel werd aanvankelijk zelf als timmerman aangeduid. Zijn familienaam Fabritius wordt vaak in verband gebracht met het Latijnse woord faber, dat ambachtsman of maker betekent. Vanuit de Beemster kwam hij uiteindelijk in Amsterdam terecht, waar hij in de omgeving van Rembrandt werkte. Daarna vestigde hij zich in Delft en ontwikkelde hij zijn eigen schilderkunst. Middenbeemster vormt daardoor een verrassend beginpunt. Ver van de grote zeventiende-eeuwse kunstcentra groeide een kunstenaar op die later met Het puttertje en andere werken een heel eigen plaats binnen de Nederlandse schilderkunst zou krijgen.

Over Middenbeemster is nog geen aanvullende informatie beschikbaar.

Delft

Plaats

In Delft vond Fabritius het licht en de ruimte voor een nieuwe schilderkunst Delft was in de zeventiende eeuw een welvarende Hollandse stad met handel, nijverheid en een levendig cultureel klimaat. Tegenwoordig wordt de stad sterk verbonden met Johannes Vermeer en Delfts blauw, maar ook Carel Fabritius behoort tot haar belangrijke kunstenaars. Fabritius vestigde zich rond 1650-1651 in Delft en werd in 1652 lid van het plaatselijke Sint-Lucasgilde. Zijn Delftse periode werd artistiek bijzonder interessant. Na zijn opleiding in de omgeving van Rembrandt koos hij steeds duidelijker voor een eigen richting. Waar Rembrandt vaak dramatische licht-donkercontrasten gebruikte, experimenteerde Fabritius met helderder daglicht, lichte achtergronden en perspectief. Zijn schilderijen krijgen daardoor soms een opvallend ruimtelijke werking. Delft werd in dezelfde periode het werkterrein van Johannes Vermeer. Of Fabritius en Vermeer elkaar daadwerkelijk goed hebben gekend, weten we niet, maar hun belangstelling voor licht en ruimte maakt de verbinding verleidelijk. Fabritius' Delftse periode eindigde plotseling op 12 oktober 1654. De Delftse donderslag verwoestte zijn werkplaats en kostte hem het leven.

Over Delft is nog geen aanvullende informatie beschikbaar.

Delftse donderslag

Begrip

Delftse donderslag De dag waarop een complete stadswijk verdween en Delft zijn schilder Fabritius verloor De ontploffing van het Delftse kruitmagazijn op 12 oktober 1654 werd later bekend als de Delftse donderslag. De explosie was zo hevig dat een groot gedeelte van de omgeving werd verwoest. Huizen stortten in, gebouwen raakten beschadigd en vele inwoners werden slachtoffer. Ook Carel Fabritius kwam bij deze ramp om het leven. Daardoor heeft de Delftse donderslag een bijzondere plaats gekregen binnen de Nederlandse kunstgeschiedenis. Fabritius was nog maar ongeveer 32 jaar oud. Hij had bij Rembrandt gewerkt, maar ontwikkelde in Delft steeds duidelijker een eigen stijl. Zijn belangstelling voor helder licht, perspectief en bijzondere ruimtelijke effecten onderscheidde hem van zijn voormalige leermeester. De ramp zelf werd eveneens onderwerp van kunst. Kunstenaars legden de verwoesting van Delft vast, waardoor we ons tegenwoordig een voorstelling kunnen maken van de enorme gevolgen. De Delftse donderslag is daarmee zowel stadsgeschiedenis als kunstgeschiedenis. Eén onverwachte gebeurtenis verbindt een ontploft kruitmagazijn, een verwoeste stadswijk en het voortijdige einde van een van de meest intrigerende Nederlandse schilders.

Over Delftse donderslag is nog geen aanvullende informatie beschikbaar.

Ontploffing Delfts kruitmagazijn 1654

Begrip

Ontploffing Delfts kruitmagazijn 1654 Eén enorme explosie maakte abrupt een einde aan het leven van een uitzonderlijk schilder Op 12 oktober 1654 werd Delft getroffen door een enorme explosie. In een kruitmagazijn aan de noordoostelijke kant van de stad lag een grote hoeveelheid buskruit opgeslagen. Toen het magazijn ontplofte, werd een deel van Delft verwoest en vielen vele slachtoffers. Onder de doden bevond zich Carel Fabritius. Hij was op dat moment ongeveer 32 jaar oud en werkte in Delft aan zijn veelbelovende loopbaan als schilder. Volgens historische bronnen bevond hij zich tijdens de ramp in zijn werkplaats. Ook andere aanwezigen kwamen daarbij om. De explosie kan bovendien een deel van Fabritius' werk hebben vernietigd. Van hem is tegenwoordig slechts een klein aantal schilderijen bekend. Daardoor blijft de vraag bestaan hoeveel kunstwerken op 12 oktober verloren zijn gegaan. De ramp veranderde zo onbedoeld ook de kunstgeschiedenis. Fabritius had zich ontwikkeld van leerling van Rembrandt tot een schilder met een opvallend zelfstandige belangstelling voor licht en perspectief. Zijn dood maakte een einde aan die ontwikkeling voordat duidelijk kon worden waar zijn experimenten uiteindelijk toe zouden leiden.

Over Ontploffing Delfts kruitmagazijn 1654 is nog geen aanvullende informatie beschikbaar.

Barent Fabritius

Kunstenaar

Ook Carels jongere broer belandde in de artistieke wereld rond Rembrandt Barent Fabritius werd in 1624 geboren in Midden-Beemster en was twee jaar jonger dan Carel. Beide broers werden in een document uit 1641 als timmerlieden aangeduid. Mogelijk hangt hun familienaam Fabritius samen met het Latijnse faber, dat ambachtsman betekent. Barent werd net als Carel schilder. Vermoedelijk kwam ook hij in contact met de omgeving van Rembrandt in Amsterdam. In zijn vroege schilderijen is Rembrandts invloed duidelijk herkenbaar, al staat niet met zekerheid vast dat Barent formeel diens leerling was. Hij schilderde portretten, Bijbelse voorstellingen en genrestukken. Zijn loopbaan duurde veel langer dan die van Carel: Barent overleed in 1673 in Amsterdam. De twee broers vormen een interessante vergelijking. Carel ontwikkelde zich vanuit Rembrandts invloed snel naar een opvallend lichte en zelfstandige schilderstijl. Barent bleef in verschillende werken dichter bij de Rembrandttraditie. Juist daardoor is Barent voor KunstCore een interessante zijdeur. Via twee broers is te ontdekken hoe kunstenaars vanuit een vergelijkbare achtergrond toch verschillende artistieke richtingen konden inslaan.

Over Barent Fabritius is nog geen aanvullende informatie beschikbaar.

Johannes Fabritius

Kunstenaar

De jongste schilderende broer maakt van de familie Fabritius bijna een kunstenaarsdynastie Johannes Fabritius werd in 1636 in Midden-Beemster gedoopt en was een veel jongere broer van Carel en Barent Fabritius. Ook hij werd kunstschilder. Daarmee is de familie Fabritius opmerkelijk: vader Pieter Carelsz. schilderde naast zijn werk als schoolmeester en drie van zijn zonen kwamen eveneens met de schilderkunst in aanraking. Over Johannes weten we aanzienlijk minder dan over Carel. Hij woonde later in Hoorn en historische documenten tonen aan dat hij daar als schilder actief was. Bijzonder interessant is een bericht uit 1676 over zijn leerling Cornelis Izaäcksz. Deze was bezig de Grote Kerk van Hoorn in perspectief weer te geven. Dat sluit verrassend aan bij de familie. Juist Carel Fabritius experimenteerde nadrukkelijk met perspectief en ruimtelijke effecten. Mogelijk bestond er dus binnen de familie een artistieke traditie waarin dergelijke problemen werden besproken en doorgegeven. Van Johannes zijn geen schilderijen met zekerheid bekend. Daardoor blijft hij een enigszins mysterieuze figuur: een gedocumenteerde schilder uit een beroemde kunstenaarsfamilie van wie het oeuvre vrijwel uit beeld is verdwenen.

Over Johannes Fabritius is nog geen aanvullende informatie beschikbaar.

Sint-Lucasgilde Delft

Organisatie

Sint-Lucasgilde Delft In het Delftse kunstenaarsgilde kreeg Fabritius zijn plaats tussen de professionele schilders Het Sint-Lucasgilde in Delft was de beroepsorganisatie waarbij schilders en verschillende andere kunstambachtslieden waren aangesloten. Zulke gilden speelden in de zeventiende eeuw een belangrijke rol bij het reguleren van het kunstenaarsberoep. Wie als zelfstandig meester wilde werken en kunst op de lokale markt wilde aanbieden, kreeg met het gilde te maken. Carel Fabritius vestigde zich rond 1650-1651 in Delft en werd in 1652 lid van het Delftse Sint-Lucasgilde. Daarmee werd zijn positie als zelfstandig schilder in de stad bevestigd. Hij had toen zijn leertijd bij Rembrandt in Amsterdam al lang achter zich gelaten en ontwikkelde een steeds persoonlijker stijl. Delft bood Fabritius een andere artistieke omgeving dan Amsterdam. Licht, perspectief, architectuur en ruimtelijkheid kregen in zijn werk opvallend veel aandacht. Het Sint-Lucasgilde vormt daarom een belangrijke schakel in zijn levensverhaal. Fabritius was niet alleen Rembrandts voormalige leerling, maar een zelfstandig Delfts meester. Helaas duurde deze periode kort: in 1654 kwam hij bij de Delftse donderslag om het leven.

Over Sint-Lucasgilde Delft is nog geen aanvullende informatie beschikbaar.

De schildwacht

Kunstwerk

De schildwacht Een slapende bewaker maakt van een eenvoudig tafereel een raadselachtig schilderij De schildwacht uit 1654 behoort tot de bijzondere werken uit het kleine bewaard gebleven oeuvre van Carel Fabritius. Een soldaat zit bij een stadspoort en lijkt zijn belangrijkste taak even vergeten te zijn: hij is ingedommeld. Bij hem staat een klein hondje. Het schilderij is kenmerkend voor de zelfstandige richting die Fabritius na zijn leertijd bij Rembrandt ontwikkelde. In plaats van figuren vanuit een donkere omgeving te belichten, gebruikt hij helder daglicht en lichte buitenruimtes. Ook architectuur en perspectief spelen een belangrijke rol. Opvallend is dat het verhaal onduidelijk blijft. Waarom slaapt de bewaker? Waar bevindt hij zich precies? Fabritius geeft voldoende aanwijzingen om nieuwsgierigheid te wekken, maar geen sluitende verklaring. Het werk ontstond in 1654, het jaar waarin Fabritius bij de ontploffing van het Delftse kruitmagazijn om het leven kwam. Daardoor behoort De schildwacht tot de laatste getuigen van een kunstenaarsloopbaan die veel te vroeg werd afgebroken.

Over De schildwacht is nog geen aanvullende informatie beschikbaar.

Gezicht op Delft

Kunstwerk

Gezicht op Delft Een stille stad vlak voordat het leven van Fabritius plotseling eindigde Gezicht op Delft is een bijzonder schilderij van Carel Fabritius, gemaakt in 1652. Het toont een rustig stukje Delft met enkele gebouwen, een boom en op de voorgrond een man bij een muziekinstrumentenhandelaar. Het kleine schilderij valt op door zijn licht, ruimte en ongebruikelijke perspectief. De voorstelling lijkt bijna door een groothoeklens bekeken. Waarschijnlijk hield dit verband met de manier waarop het werk oorspronkelijk bekeken of opgesteld moest worden. Mogelijk speelde perspectivische illusie daarbij een belangrijke rol. Fabritius was een leerling van Rembrandt, maar ontwikkelde een veel lichtere schilderwijze dan zijn leermeester. Juist Gezicht op Delft laat zien hoe zelfstandig hij zich ontwikkelde. Zijn carrière eindigde abrupt toen hij in 1654 omkwam bij de Delftse donderslag. Ga vanuit Gezicht op Delft eens verder naar Carel Fabritius, Delft, Perspectief of Delftse donderslag en ontdek waarom dit kleine stadsgezicht zo'n bijzondere plaats inneemt binnen de Nederlandse schilderkunst.

Over Gezicht op Delft is nog geen aanvullende informatie beschikbaar.

Op mijn tafel

Carel Fabritius

Beschrijving
Carel Fabritius Een eigenzinnige leerling van Rembrandt Carel's jeugd in de groene weiden van de Noord-Hollandse beemster Carel Fabritius werd in februari 1622 geboren in Middenbeemster, in de pas enkele jaren daarvoor drooggelegde Beemster. Carel was een zoon van Pieter Carelsz., die onderwijzer en koster was. Daarnaast schilderde hij zelf ook. De wereld van de kunst was dus niet zo vreemd binnen het gezin. Ook Carels jongere broers Barent en Johannes Fabritius werden schilder. Opmerkelijk is zijn achternaam. De f…

Carel Fabritius

Carel Fabritius

Een eigenzinnige leerling van Rembrandt

Carel's jeugd in de groene weiden van de Noord-Hollandse beemster

Carel Fabritius werd in februari 1622 geboren in Middenbeemster, in de pas enkele jaren daarvoor drooggelegde Beemster. Carel was een zoon van Pieter Carelsz., die onderwijzer en koster was. Daarnaast schilderde hij zelf ook. De wereld van de kunst was dus niet zo vreemd binnen het gezin. Ook Carels jongere broers Barent en Johannes Fabritius werden schilder.

Opmerkelijk is zijn achternaam. De familie heette oorspronkelijk niet Fabritius. Carel gebruikte deze naam waarschijnlijk omdat hij aanvankelijk als timmerman had gewerkt. Het Latijnse woord faber betekent ambachtsman of werkman. Het woord kan daarmee onder meer naar een timmerman verwijzen. Later werd Fabritius de familienaam waaronder hij en zijn schilderende broers bekend werden.

Carel trouwde in 1641 met Aeltje van Hasselt en verhuisde rond die tijd naar Amsterdam. Daar kwam hij terecht in het atelier van een van de belangrijkste schilders van zijn tijd: Rembrandt van Rijn.

Leerling van Rembrandt

Fabritius werkte waarschijnlijk in de eerste helft van de jaren 1640 bij Rembrandt. Dat is in zijn vroege schilderijen duidelijk zichtbaar. Hij leerde er het gebruik van sterke licht-donkercontrasten, een losse schildertechniek en het dramatisch uitbeelden van Bijbelse en historische onderwerpen.

Toch werd Fabritius geen kunstenaar die zijn leermeester zijn hele leven bleef navolgen. Juist zijn eigen ontwikkeling, op een weg weg van Rembrandt maakt hem kunsthistorisch interessant. Waar Rembrandt vaak figuren vanuit een donkere omgeving naar voren laat komen, ging Fabritius steeds vaker experimenteren met lichte achtergronden. Ook daglicht en subtielere kleurcontrasten vinden we bij hem terug.

Na de dood van zijn vrouw in 1643 keerde Fabritius enige tijd terug naar Middenbeemster. Uiteindelijk vestigde hij zich in Delft. In 1652 trouwde hij daar met Agatha van Pruyssen. Hij werd lid van het Delftse Sint-Lucasgilde en bouwde er een bestaan als zelfstandig schilder op.

Een eigen omgang met licht en ruimte

In Delft ontwikkelde Fabritius zijn meest persoonlijke schilderstijl. Licht werd daarin bijzonder belangrijk. In plaats van de donkere ruimtes die we met Rembrandt associëren, zien we bij Fabritius vaak lichte muren, zachte schaduwen en een bijna natuurlijke helderheid.

Daarnaast was hij geïnteresseerd in perspectief en optische effecten. Een bijzonder voorbeeld daarvan is Gezicht in Delft, waarin architectuur, ruimte en perspectief een belangrijke rol spelen. Sommige werken van Fabritius lijken bedoeld te zijn geweest om vanuit een specifieke positie te worden bekeken. Daardoor kon de geschilderde ruimte voor de toeschouwer overtuigender lijken door te lopen in de werkelijke omgeving.

Deze belangstelling voor waarneming maakt Fabritius tot een opvallende figuur binnen de zeventiende-eeuwse Nederlandse schilderkunst. Zijn schilderijen gaan niet alleen over wat er wordt afgebeeld, maar ook over de vraag hoe wij ruimte, licht en werkelijkheid ervaren.

Gezicht op Delft heeft zo'n ongewoon perspectief dat het waarschijnlijk voor een perspectiefkast of vergelijkbare optische opstelling bedoeld was. Fabritius schilderde zijn signatuur bovendien als graffiti op een muur in de voorstelling.

Het puttertje

Veruit zijn beroemdste schilderij is Het puttertje uit 1654. Het kleine werk toont een distelvink die met een kettinkje aan zijn voederbakje vastzit. Puttertjes werden in de zeventiende eeuw als huisdieren gehouden en konden worden geleerd zelf met een emmertje water uit een bakje te putten. Daaraan dankt de vogel zijn Nederlandse naam.

Het schilderij is opvallend eenvoudig. Er is geen ingewikkelde omgeving en nauwelijks een verhaal. De vogel zit tegen een lichte muur en werpt daarop een zachte schaduw. Met betrekkelijk losse penseelstreken weet Fabritius veren, licht en volume overtuigend weer te geven.

Juist door die eenvoud krijgt het werk een bijna moderne uitstraling. De combinatie van een alledaags onderwerp, sterke observatie en subtiele illusie maakt Het puttertje tot een van de bekendste schilderijen uit de Nederlandse zeventiende eeuw.

Het vogeltje zit daadwerkelijk vastgeketend aan zijn voederbak. Putters waren huisdieren die geleerd konden worden met een minuscuul emmertje water op te halen. Het schilderijtje kan oorspronkelijk een deurtje van een nis of kast zijn geweest en werd in 2003 als eerste schilderij ter wereld met een CT-scan onderzocht.


De ramp in Delft

De carrière van Fabritius eindigde abrupt. Op 12 oktober 1654 ontplofte in Delft een opslagplaats met buskruit. Deze ramp, bekend als de Delftse donderslag, verwoestte een groot deel van de stad. Ook Fabritius' atelier stond vlak bij het kruitmagazijn

Fabritius raakte zwaargewond en overleed kort na de explosie. Hij was slechts 32 jaar oud. Mogelijk gingen bij de ramp ook schilderijen verloren. Zijn tegenwoordig bekende oeuvre is daardoor zeer klein.

Juist dat kleine oeuvre maakt zijn reputatie bijzonder. Op basis van slechts een beperkt aantal bewaard gebleven werken wordt Carel Fabritius beschouwd als een van de origineelste schilders uit de omgeving van Rembrandt. Zijn belangstelling voor helder licht, perspectief en ruimtelijke illusie onderscheidt hem duidelijk van zijn leermeester. Bovendien vormt zijn werk een fascinerende verbinding tussen de Amsterdamse wereld van Rembrandt en de schilderkunst van Delft, waar kort daarna Johannes Vermeer zijn belangrijkste werken zou maken.

Gereedschapskist

Technieken